Titel: De waarde van [G]OUD. Een evaluatiestudie naar de effecten van de consultatiefunctie voor ouderen
Netwerk: Academisch Centrum ZorgInnovatie Ouderen
Doelgroep: thuiswonende ouderen van 75+
Startdatum: oktober 2009
Looptijd: 3 jaar
Waarom is het project gestart?
In de gezondheidszorg komen steeds meer Consultatiebureaus voor Ouderen (CbO). De vraag blijft echter of screening voor ouderen effectief is. Welke screeningsinstrumenten moeten er bijvoorbeeld gebruikt worden? En is de consultatiefunctie als een vorm van gestructureerde ouderenzorg haalbaar voor de huisartsenpraktijk?
Wat houdt het project in?
Het project onderzoekt het effect van een preventief consult in de vorm van een huisbezoek waarbij ogenschijnlijk gezonde ouderen worden gescreend op kwetsbaarheid. De functie van het consult is een periodieke vorm van preventieve zorg voor ouderen waarbij gekeken wordt naar fysieke gezondheid, leefstijl en sociaal, emotioneel, psychisch en cognitief functioneren.
Wat is de aanpak?
De studie vindt plaats in 24 huisartsenpraktijken in Zuid-Limburg. De groep ouderen waarbij de interventie wordt uitgevoerd, wordt vergeleken met ouderen waarbij in de praktijk de gangbare situatie gehandhaafd blijft. De zelfredzaamheid en kwaliteit van leven wordt bij aanvang van het project met behulp van vragenlijsten in kaart gebracht. Na 6, 12 en 18 maanden wordt dit opnieuw gedaan. Uitkomsten worden tussen de groepen vergeleken. In het project is de huisarts binnen de eerstelijns gezondheidszorg de centraal uitvoerende partij rond de consultatiefunctie. De GGD heeft vanuit de taak tot collectieve gezondheidsbevordering inzicht in de voorzieningen op buurtniveau. De GGD zal daarom een verbinding maken tussen de (geïndiceerde) behoefte(n) van ouderen en aanbod in de wijk.
Wat gaat het opleveren?
Het project geeft inzicht in de effecten van de consultatiefunctie voor ouderen op de zelfredzaamheid en kwaliteit van leven. Daarnaast wordt gekeken naar de follow-up in de keten naar aanleiding van dit consult. Het onderzoek zal aangeven:
- welk screeningsinstrument het beste gebruikt kan worden;
- welke indicatoren noodzakelijk zijn voor een efficiënte (multidisciplinaire) follow-up van de patiënt;
- of vroegsignalering en daaropvolgende preventieve advisering binnen de eerstelijnszorg effectief is.
Meer informatie
Drs. M.M.N. Stijnen,