

Soorten projecten
Het Nationaal Programma Ouderenzorg stimuleert en draagt bij aan projecten en experimenten die zorgen voor een betere zorg voor ouderen. Daarbij ligt de nadruk op nieuwe vormen van samenwerking, praktijkgericht onderzoek en verankering van resultaten.
Drie soorten
De projecten en experimenten worden ingedeeld in drie verschillende typen: transitie-experimenten, onderzoeksprojecten en implementatieprojecten.
- Transitie-experimenten
Alle regionale netwerken gaan aan de slag met een complexe zorgvraag. Zij bedenken een experiment dat de samenhang, kwaliteit en betaalbaarheid van de zorg moet verbeteren. Daarbij hoeven ze geen rekening te houden met bestaande regels, structuren en financieringsstromen. ‘Transitie’ betekent hier dan ook de overgang tussen ‘gangbaar, volgens de huidige regels’ en ‘nieuw, volgens nog niet bestaande regels’. De zorg voor kwetsbare ouderen met complexe problemen wordt tijdelijk op een andere manier georganiseerd en aangeboden. De meerwaarde van deze aanpak voor de kwetsbare oudere wordt onderzocht in een passend evaluatieonderzoek. Uitgangspunten daarbij zijn zelfredzaamheid, functie behouden daardoor minder belastende zorg of behandelingen.
Lees meer over transitie-experimenten
- Onderzoeksprojecten
Gerelateerd aan de onderwerpen van de transitie-experimenten worden er onderzoeksprojecten uitgevoerd. Deze zijn kortdurend en praktijkgericht. Daarbij kan het gaan om onderzoek naar preventiemogelijkheden, betere diagnostiek en betere behandeling.
- Implementatieprojecten
Implementatieprojecten moeten de bereikte resultaten verder brengen. Ook zorgen de projecten ervoor dat bestaande, onvoldoende benutte kennis ingevoerd wordt. De regio’s maken afspraken over de implementatie met belangrijke samenwerkingspartners, zoals opleidingsinstituten, koepels, cliëntenorganisaties en kennisinstituten.